R.E.M. – Collapse into Now

Bron: beatsperminute.com

In september 2011 stopt R.E.M. als band. Collapse into Now is de zwanenzang van de groep na 31 jaar, vijftien albums en verschillende tournees. Michael Stipe, Peter Buck en Mike Mills vonden het gepast om op een zeker hoogtepunt te stoppen in plaats van tot in de lengte der jaren te touren. Drummer Bill Berry hield het in 1997 voor gezien bij de band uit Athens, Georgia (VS). Toen dit album werd uitgebracht was de groep nog bij elkaar. Achteraf zijn er verschillende hints te vinden op dit album waaruit blijkt dat deze plaat toch echte de laatste is voor de Amerikanen. Op de cover van het album zwaait of groet Stipe. Het nummer ‘All the Best’ lijkt ook op een vaarwel en het nummer ‘Blue’ lijkt verdacht veel op Country Feedback (van het album Out of Time uit 1993) en kan als een zeker afscheid beschouwd worden. 

Dit album is in vergelijking met het vorige album, ‘Accelerate‘, ietwat gevarieerder. Zo heeft de plaat enkele up-tempo nummers zoals ‘All the Best’, ‘Mine Smell Like Honey’, ‘Alligator, Aviator, Autopilot, Antimatter’ en ‘That someone is you”. Er staan ook mid-tempo en rustigere tracks op Collapse into Now voor de afwisseling. Single “Uberlin” is een goed voorbeeld van een typisch mid-tempo R.E.M. nummer. Stipe zingt:  “I am flying on a star into a meteor tonight (…) I will make it through the day. And then the day becomes the night. I will make it through the night” en lijkt vooral een nummer gebaseerd op het thema ‘hoop’. Eddie Vedder (Pearl Jam) heeft een gastoptreden op “It happened today”  en dat nummer doet denken aan “Belong” van het album ‘Out of Time’ dat R.E.M. in 1991 uitbracht.

Het is altijd makkelijk om achteraf terug te kijken naar eerdere albums van R.E.M. zonder te weten dat dit het laatste studioalbum ooit zou zijn van de band. De puzzelstukjes vallen met Collapse into Now wel allemaal op zijn plaats. R.E.M. verwijst muzikaal en tekstueel terug naar hun rijke verleden als band. In de herhaling vallen doen ze echter niet, het is eerder het verleden wat terugkomt in het heden. Daarmee is de albumtitel een stuk duidelijker en zodoende ontzettend logisch. Collapse into Now is zeker niet het beste album van de vijftien stuks die de band uitbracht, maar wel een waardig en zinnig afscheid voor de band uit Athens, Georgia.

Hieronder twee clips; All the Best (live) en de officiele clip van Uberlin

Sound City – Real to Reel Soundtrack (OST)

Bron: Consequenceofsound.net

Gitarist, drummer en muzikale duizendpoot Dave Grohl (Foo Fighters, ex-Nirvana) bracht eerder dit jaar de muziekdocumentaire ‘Sound City’ uit. Hier hoort natuurlijk ook een soundtrack bij. In de film kwamen natuurlijk al verschillende artiesten zoals Alain Johannes (Eleven, Chris Cornell), Stevie Nicks (Fleetwood Mac), Trent Reznor (Nine Inch Nails), Rick Nielsen (Cheap Trick) en Rick Springfield voorbij. Zij hadden allen een connectie met de voormalige studio Sound City en namen met Dave Grohl de bijbehorende soundtrack op. Dat levert een zeer gevarieerd geheel op, want zowel Sir Paul McCartney als Lee Ving (van punkband Fear) zijn present en muziekmaatje Josh Homme (Queens of the Stone Age) zijn er. Dit album heeft ook een licht Foo Fighters sausje, want drummer Taylor Hawkins, bassist Nate Mendel, gitarist Pat Smear en toetsenist Rami Jaffee spelen met op de soundtrack.

Voor het album uitgebracht werd, verschenen er al twee singles van deze plaat. “From Can to Can’t” met Corey Taylor (Slipknot en Stone Sour), Rick Nielsen (Cheap Trick), Scott Reeder (ex-Kyuss) en Dave Grohl.  De andere single (Cut me some Slack) kreeg flink wat bekendheid doordat Sir Paul en alle nog in leven zijnde bandleden van Nirvana samenspeelden. De soundtrack trapt af met “Heaven and All” waarop Peter Hayes en Robert Levon Been van Black Rebel Motorcycle Club figureren. Het zou makkelijk een nummer van “BRMC’ kunnen zijn, ware het niet dat Dave Grohl de drummer van dienst is in plaats van Leah Shapiro. “You can’t Fix this” heeft Stevie Nicks van Fleetwood Mac in samenwerking met Grohl, Hawkins en Rami Jaffee en is een typische Nicks track. Haar teksten zijn vaak spiritueel getint en dat is ook hier het geval, de duivel komt geregeld terug in haar tekst. Met het rauwe, punknummer “Your Wife is calling” gaat de versnelling een paar tandjes hoger. Lee Ving (Fear) neemt de zang voor zijn rekening. De track is niet 100% punk, er zit een aardig melodieus randje aan het nummer. Een waar “uplifting” nummer is “A Trick with no Sleeve” van Alain Johannes, Joshua Homme en Dave Grohl. De afsluiter van het geheel heet “Mantra”  en dit nummer was al te zien in de Sound City film in de instrumentale fase. Op het album is de track echt “af” met vocalen en toevoegende geluiden van Trent Reznor. De vloeiende samenwerking van Reznor, Grohl en Homme is duidelijk, de klasse druipt van het nummer af.

Sound City: Real to Reel is een verzameling van tracks die makkelijk uitgebracht hadden kunnen worden door de meeste meewerkende artiesten. Zo klinkt het nummer van Rick Springfield (The Man that never was)  als een typisch nummer van Rick Springfield. Het is echter de samenwerking van andere muzikanten die wat extra’s toevoegen. Het album is een gevarieerde samenstelling van nummers van aansprekende artiesten. Het is de klasse van Grohl als muzikant die al deze verschillende muzikanten een podium geeft en hij treedt daarbij niet al te veel op de voorgrond, maar helemaal wegdenken kun je hem nooit. De combinatie van de artiesten en de wisselende samenstellingen werkt goed voor dit album. Een ware ondersteuning van de film Sound City of ook goed voor een afterparty. Bij beide zit je geramd met deze soundtrack.

Mantra (instrumentaal)

Alain Johannes, Dave Grohl & Joshua Homme – A Trick with no Sleeve

Mini Mansions – …Besides… E.P.

Bron: Minimansions.bandcamp.com

Mini Mansions werd al eerder gerecenseerd op dit blog. Op dit moment zijn de heren druk bezig of wellicht klaar met een nieuw album.  In de tussentijd hebben Parkford, Dawes en Shuman de E.P. ‘…Besides…’ uitgebracht, een woordspeling op b-sides. De plaat bestaat uit drie nummers, In You End Oh’s, Groddit en The Deep End.

Waarschijnlijk was er geen plaats voor deze tracks op het album, maar qua geluid hadden deze nummers er zonder probleem tussen gekund. In You End Oh’s heeft een vreemde titel, en dat is niet het enige wat anders is aan deze track. Het tempo wisselt ook steeds en het drummen van Shuman is allesbehalve standaard.  Het nummer Groddit wordt rustig opgebouwd met een pianomelodie en de zachte stem van Tyler Parkford. Zoals vaker bij Mini Mansions valt Michael Shuman bij zodat het een tweestemmig geheel wordt. Dat is weer totaal anders bij The Deep End. De titel geeft een goede indruk van het nummer, want er wordt goed gebruik gemaakt van de (overstuurde?) bas van Zach Dawes. 

De nummers op deze E.P. hadden totaal niet misstaan op het album van de band. Geen plaats op de plaats of vonden de heren de tracks toch net niet goed genoeg? Wie zal het zeggen. De nummers zijn een goed zoethoudertje voor het nieuwe album wat dit jaar verschijnt. Op de website http://minimansions.bandcamp.com kun je deze E.P. downloaden. In principe voor niets, maar je kunt een bedrag opgeven voor deze plaat.

Achtergrondverhaal – De muziek achter Levi’s – Deel 2

Oude muziek in nieuwe jeans zijn gouden combinatie

Bron: Uncrate.com

In deel 1 werden de reclames van Levi’s in de jaren ’80 bekeken. Het is al weer een tijd geleden, dus het is nu tijd voor het vervolg.  De trend van jeans en muziek sloeg door in de jaren ’90. Het kan zelfs gezien worden als hét hoogtepunt van de commercials van Levi Strauss & Co. Het laatste nummer van deel 1 was Eddie Cochran – C’mon Everybody, the Steve Miller Band trapt af in de 90s met The Joker.

‘The space cowboy’  komt zijn vriendin even ophalen op de werkvloer, letterlijk én figuurlijk. Het schiet alleen niet op dat zij nog in haar saaie mantelpakje is, dus dat wordt even wisselen van kleren. Pashokje nodig? Welnee, een Levi’s 501 kun je gewoon aantrekken, liefst waar al je collega’s bij zijn natuurlijk. Oorspronkelijk komt het nummer ‘The Joker’ van Steve Miller Band uit 1973 en kreeg, zoals dat bij spijkerbroekenhits betaamt, een re-release in 1990. Het blijft tot op heden één van de grootste hits van de groep, met dank aan de “Great Deal” reclame. Er bestaat ook een langere versie van deze reclame, maar deze kunnen wij niet laten zien i.v.m. copyrights van EMI.

‘The Joker’ was een grote hit voor Levi’s, dus waarom de marketingstrategie wijzigen als het werkt? Voor de volgende reclame werd nog eens terug naar het verleden gegrepen, deze keer niet zo heel ver in vergelijking met de vorige nummers. ‘Should I stay or should I go?’ van The Clash is de soundtrack van de volgende reclame.

De pooltafel staat centraal in deze reclame, en last but not least, de spijkerbroek natuurlijk. Een woest aantrekkelijke jongeman gaat een weddenschap aan aan de pooltafel met een andere man. Inzet: cash of een 501 spijkerbroek. De held in spijkerbroek laat zijn tegenstander alle hoeken van het laken zien. Hij neemt geen genoegen met het geld alleen, zijn rivaal moet ook nog eens de broek tot op de knieen laten zakken. Levi’s accepteert niets anders dan het eigen product. ‘Should I stay or should I go?’ was één van de grootste hits van de innovatieve punkband The Clash. In 1981 werd het nummer voor het eerst uitgebracht en in 1991 nogmaals. De band is ook bekend van Rock the Casbah, London Calling en The Magnificent Seven. Deze tracks zijn geen standaard punknummers en zeker de moeite waard om eens te beluisteren.

In bijna elke reclame van Levi’s speelt een aantrekkelijke man de hoofdrol en hij wordt meestal ondersteund door een even knappe dame of andersom. In de volgende commercial komt een wel zeer bekende acteur aan bod, de heer Brad Pitt. Dit alles met muzikale ondersteuning van Marc Bolan (T-Rex) – 20th Century Boy.

Na een tijd brommen in de bak zit het er dan eindelijk op, tijd voor vrijheid! Alleen jammer dat hoofdrolspeler Brad Pitt niet al zijn spullen terugkrijgt. Hij mist een (spijker)broek en dat is best vervelend, ware het niet dat zijn vriendin netjes bij de poort van de gevangenis wacht…. Met een nieuwe broek uiteraard. Gelukkig kreeg hij zijn fotocamera wel terug en daar maakt hij dan ook goed gebruik van. Het nummer van T-Rex werd, zoals dat gebruikelijk was bij deze reclames, opnieuw uitgebracht in 1991. De auteur van het nummer, Marc Bolan, maakte dit helaas niet meer mee. Veertien jaar na de dood van Bolan kreeg 20th Century Boy opnieuw bekendheid dankzij de reclames van Levi’s. Op naar deel 3 van de advertenties van Levi Strauss & Co. verhaal en de bijbehorende muziek.

The Joker Steve Miller Band 1976 1990 1
Should I Stay or Should I Go The Clash 1982 1991 1
20th Century Boy T. Rex 1973 1991 13

//UITGELICHT// Kim Carnes – Bette Davis Eyes

Bette Davis met haar sprekende ogen. Bron: http://talesofamadcapheiress.blogspot.nl/

“Uitgelicht” is een nieuw onderdeel van dit blog en het idee er achter is simpel;  neem een bekend, markant of op een andere manier opvallend nummer en dat wordt hier beschreven. De aftrap van ‘Uitgelicht’ is Kim Carnes – Bette Davis Eyes. Ik heb voor dit nummer gekozen omdat het uit de jaren ’80 komt en een echte klassieker is naar mijn bescheiden mening.

Het nummer is geschreven door Donna Weiss en Jackie DeShannon in 1974, maar zangeres Kim Carnes had er een grote hit mee in 1981. Eerder had DeShannon het nummer al gezongen en uitgebracht op haar album New Arrangement, maar dit werd niet bekend. Het was aan singer-songwriter Kim Carnes om ‘Bette Davis Eyes’ tot een wereldhit te tillen, waar zij in 1982 een Grammy Award voor won in de categorie “Record of the Year”.

Bette Davis Eyes

Voor ‘uitgelicht’ is gekozen voor de versie van Kim Carnes, omdat dit de grootste hit was en naar mijn bescheiden mening ook het beste muzikale arrangement heeft.

Helemaal onder dit artikel zijn YouTube-links geplaatst naar de versie van Kim Carnes én het origineel van DeShannon en Weiss. De nummers zijn niet vergelijkbaar, de tekst uitgezonderd natuurlijk. De track van DeShannon en Weiss past goed in een theater en heeft een “los” en zelfs swingend gevoel. De bewerking van Kim Carnes is een stuk ‘donkerder’ met haar rauwe stem. Qua stem zou ze goed een zus van Rod Stewart kunnen zijn. De keyboards maken het nummer compleet. Een leuke anekdote is dat de echte Bette Davis het nummer goed kon waarderen. Kim Carnes en Davis hadden tot de dood van de actrice in 1989 contact. Bette Davis zag het nummer als een eerbetoon en was Carnes en de auteurs bijzonder dankbaar omdat ze op deze manier ook in latere tijden herinnerd zou worden.

Bette Davis was een Amerikaanse actrice, en zij was vooral bekend van het spelen van onsympathieke personages. Ook hield ze enige bekendheid over aan haar rollen in romantische komedies. In het (voor die tijd) controversiele ‘Of Human Bondage’ had Bette Davis een hoofdrol.  Davis werd in totaal tien keer genomineerd voor een Oscar en won de prijs tweemaal. De actrice wordt als één van de betere beschouwd, in het rijtje van Meryl Streep en Katharine Hepburn. Genoeg materiaal voor een nummer en laten we vooral de priemende en “open” ogen van Bette Davis niet vergeten.

Dit is de versie van Kim Carnes – Bette Davis Eyes

Het origineel van Donna Weiss en Jackie DeShannon, gezongen door DeShannon

Achtergrondverhaal: KYUSS versus KYUSS Lives! – de Afloop

Supa Scoopa and Mighty Scoop

Er werd al eerder geschreven over de rechtszaak tussen Kyuss (Josh Homme & Scott Reeder) en Kyuss Lives! (John Garcia & Brant Bjork). Ondertussen is de zaak behandeld en min of meer in het voordeel uitgevallen voor Homme en de zijnen. In dit achtergrondverhaal een verdere reconstructie van de gebeurtenissen. 

Bands en/of vrienden die elkaar voor het gerecht slepen, dat kán nooit goed uitpakken. In het geval van Kyuss doet dat het ook niet, want er is met een hoop modder gegooid door de heren van al dan niet ex-Kyuss. Het vreemde aan het verhaal is dat Josh Homme en Scott Reeder in het begin 100% achter Kyuss Lives! stonden. Wat ging er allemaal mis?

In principe was het de bedoeling van Kyuss Lives! dat er enkele shows gegeven zouden worden en dit groeide uit tot een complete tour. Het groeide uit tot een groot succes, want de liefde voor Kyuss bleek over de hele wereld nog lang niet over. Langzaam maar zeker kwamen er plannen van Garcia en Bjork boven water; ze wilden een live-album uitbrengen én nieuwe materiaal opnemen. Op dat moment begon er een alarmbel te rinkelen bij Josh Homme, zijn oude kameraden wilden ook gebruikmaken van de naam Kyuss. In overleg met oud-bandgenoot Scott Reeder besloot hij om een rechtszaak tegen Garcia en Bjork in te dienen. Er was enige spoed daarbij gebaat, want er was een deadline voor de naam “Kyuss”. Als zij niet op tijd waren geweest, was de naam zonder tegenbericht komen te vervallen en konden Brant Bjork en John Garcia de naam claimen. Vanaf dat moment ging het balletje rollen, want Homme (en Reeder) die een rechtszaak aanspannen tegen oud-bandleden, dat is natuurlijk groot nieuws.

Er kwam al snel reactie uit het Kyuss Lives! kamp, het ‘gezaghebbende’ muziektijdschrift Rolling Stone publiceerde een interview met Garcia en Bjork. Ondertussen stapte bassist Nick Oliveri (ex-Queens of the Stone Age) uit Kyuss Lives! Uit het relaas met Rolling Stone bleek dat de schuld volledig bij Josh Homme en Scott Reeder kwam te liggen. Althans, volgens John Garcia en Brant Bjork. Ondertussen doet Nick Oliveri zijn verhaal tegen de online muziekwebsite Antiquiet. De bassist wil het liefste in het midden blijven in het conflict, omdat hij nog steeds met beide zijden bevriend is. Hij laat echter wel blijken het oneens te zijn met enkele zakelijke beslissingen van Kyuss Lives! Zo is Oliveri het niet eens met het vragen van geld voor meet&greets met de band. Op de eerder genoemde website Antiquiet zijn een aantal e-mails beschikbaar van de heren die ooit Kyuss vormden. Het is niet de meest fraaie manier, maar het geeft wel enig inzicht in wat er allemaal speelt. De aanklacht staat helemaal onderaan en is een aanrader als je van legale bandzaken houdt.  Op een andere website, City of Devils, zijn de (veelzeggende) e-mails van Nick Oliveri leesbaar.  Oliveri geeft in één zin weer wat er eigenlijk allemaal speelt: “We are Kyuss, not KISS”. Daarmee maakt de oud-bassist een statement dat deze hele zaak goed samenvat.

Uitspraak rechter

Deze link bevat de uitspraak van de rechter inzake Kyuss/Kyuss Lives! De rechter oordeelde dat Kyuss Lives! er het beste aan doet om onder een nieuwe naam hun activiteiten voort te zetten. Dat is een harde klap voor John Garcia en Brant Bjork en wellicht voor sommige fans. De heren waren teleurgesteld in het besluit van de rechter en Garcia zei dat de fans de dupe zijn van de uitspraak. Dat klopt, maar als we tussen de lijnen door lezen, verwijt Bjork zijn ex-bandleden Homme en Reeder dat hij geen rechten had op de naam.  Een saillant detail in dezen is dat Bjork besloot om de band te verlaten in 1993. Dat betekent dat hij sowieso geen recht had inzake de band.

Het moment van beschuldigingen uiten naar elkaar is nu achter de rug. Opvallend is dat de heren van Kyuss Lives! veel meer de media zochten dan Josh Homme en Scott Reeder. Op het moment van schrijven is Homme druk bezig met het nieuwe album van Queens of the Stone Age.  Het laatste album van de band dateert alweer uit 2007. Wellicht heeft de rechtszaak voor enige vertraging gezorgd, maar op dit moment heerst er nog een relatieve persstilte uit het QOTSA-kamp. Er is nog niets bekend over activiteiten van Brant Bjork en John Garcia, het is onduidelijk of zij nog iets met Kyuss gaan doen. Als het aan Homme ligt, blijft Kyuss een (goede) muzikale herinnering. Het onderstaande filmpje is wellicht het laatste optreden in goede kwaliteit van Kyuss Lives! en toevallig ook op Nederlandse bodem (Pinkpop). Daaronder is een filmpje van Kyuss in de oude glorie. Veel kijkplezier!

Kyuss Lives!

Kyuss

Deftones – Koi No Yokan

Het laaste album van Deftones wat op dit blog werd besproken was Diamond Eyes. Inmiddels is de opvolger van die plaat uitgebracht en heet Koi No Yokan. De band heeft nog steeds dezelfde line-up, en dat betekent dat bassist Sergio Vega er weer bij is als vervanger van de herstellende Chi Cheng. Voor het uitbrengen had de band al twee singles uitgebracht, Leathers en Tempest. Deze nummers gaven al een klein beetje aan wat we van de band uit Sacramento, Californie konden verwachten. Na het goed ontvangen Diamond Eyes ligt de lat voor de groep relatief hoog…

Wat Deftones onderscheidt van andere bands in het metalgenre is voornamelijk het gebruik van samples en de subtiliteit van de vele (bij)geluiden in nummers. Ook bij dit album is dat kenmerk van de band van toepassing, ook al gaat het er stevig aan toe bij de band, het klinkt nooit geforceerd of recht-toe-recht-aan. Een voorbeeld van hard doch subtiel is Poltergeist. Het nummer is niet te vergelijken met het werk op het eerste album Adrenaline, maar als dat album opnieuw uitgebracht zou worden anno 2012, dan had Poltergeist er zeker op kunnen staan. Een uitschieter van het album is Rosemary. Hier laat de band zich van haar zachte en mooie kant zien, maar er zit ook een scherp randje aan. De beginriff van Romantic Dreams is pakkend, en het nummer ontwikkelt zich dan verder op een typische Deftones-manier. Als die er al is, want elk album van de band is anders.

Tijdens het schrijven van deze recensie ben ik nog steeds aan het twijfelen of ik Diamond Eyes of Koi No Yokan beter vind. Op dit moment gaat mijn voorkeur uit naar Diamond Eyes, maar Koi No Yokan moet er zeker niet voor onder doen. Het is overduidelijk dat de platen familie van elkaar zijn. Waar het voorgaande album nog wel eens rauw kon zijn (Rocket Skates), is dit nieuwe dat ook wel, maar met het eerder beschreven subtiele randje. Dat pleit voor de groep, geen enkel album lijkt op elkaar. Als je Adrenaline vergelijkt met Koi No Yokan hadden niet veel mensen ontwikkeling van het geluid van de band verwacht, al was White Pony een goede voorbode. Met dit zevende album is de groep opnieuw een weg ingeslagen die nieuw is, maar toch kun je ze altijd blijven herkennen. Deftones blijven een hele spannende, aparte en vooral eigenzinnige band binnen het genre, die eigenlijk ook al lang niet meer binnen het genre past. Dat siert Deftones.